Morus alba Globosum

Decoratief blad Lichte schaduw Kalkhoudende grond Bladverliezend Klein Eetbaar Volle zon

Description

Morus alba ‘Globosum’ is een bolvormige vorm van de witte moerbei. Hij blijft veel kleiner dan de soort: de hoogte na 10 jaar is ongeveer 4 m. Het is een weinig geteelde soort die vanwege zijn bolronde kroon nochtans zeer geschikt is voor kleinere tuinen en als straat- en laanboom. Niet te verwarren met M. alba ‘Nana’, een op stam geënte miniatuursoort, een echte heksenbezem die nauwelijks 1,5 à 2 m hoog en 1 m breed wordt.

Shape

  • Growing habit: kleine boom met knoestige stam en een bolronde, open kroon en nogal warrige vertakking. Kan in vorm gesnoeid worden.
  • Height: 4-6 m
  • Width: 2-3 m
  • Vigour: matig
  • Root system: gevoelig voor verstoring, verdraagt geen verharding of verdichting.

Leaf

  • Shape: gespreid staand; onregelmatig gevormd, aan eenzelfde boom kunnen diep gelobde en ongelobde bladeren voorkomen. Meestal 8 x 10 cm groot, meestal wat kleiner dan de soort. Meestal breed eirond tot hartvormig, aan de basis hartvormig of rond en kort, eivormig toegespitst. De rand is grof gezaagd. Bovenkant glad, bladnerven aan de onderkant behaard. De bladsteel is ongeveer 2,5 cm lang, gegroefd en licht behaard.
  • Color: glanzend heldergroen
  • Fall color: geel
  • Special features:

Flower

  • Shape: De minuscule mannelijke bloemen staan in 1,5 -3 cm lange lichtgroene katjes die in mei verschijnen. De vrouwelijke bloemen zijn gesteelde hoofdjes.
  • Color: groenachtig geel
  • Point of time: mei
  • Special features: Eenhuizig, de bestuiving gebeurt door de wind.

Fruit

  • Shape: kleine schijnvruchtjes (2-3 cm) die een kleine noot omsluiten; lijken op een kleine, langwerpige framboos of braam.
  • Color: eerst witgeel, later witroze tot licht purper
  • Point of time: rijp vanaf eind juli-augustus

Stem

  • Stem / bark: De jonge twijgen zijn grijsgroen en lichtbehaard. De schors is aanvankelijk grijsgroen tot roodbruin, die van een oude boom donker oranjebruin met grijs, sterk gegroefd. Opvallend is het ontbreken van eindknoppen op de twijgen.

Cultivation requirements

  • Stand: Enigszins beschutte standplaats in zon of halfschaduw
  • Ground: Groeit op elke grond, op voorwaarde dat hij goed gedraineerd is; geeft de voorkeur aan een vruchtbare, niet te zware en eerder kalkrijke grond.
  • Climate zone: 5b
  • Special features: Windgevoelig; jonge planten vorstgevoelig; verdraagt zeer goed droogte en snoei; bestand tegen strooizout, zeer goed bestand tegen luchtvervuiling en stadsklimaat.

Share this page