Quercus robur Fastigiata

Decoratief blad Opvallende herfstverkleuring Lichte schaduw Zure grond Kalkhoudende grond Bladverliezend Groot Decoratieve schors Volle zon

Description

Quercus robur ‘Fastigiata’ (ook aangeboden onder de handelsnaam ‘Skyrocket’) is een zuilvormig groeiende variëteit van de bekende inheemse Zomereik. De zuilvorm ontstaat doordat de onderste takken recht omhoog groeien. Vermits hij bovendien vrij goed bestand is tegen verharding en verdichting, is het een ideale straat- en stadsboom.
Op latere leeftijd heeft de kroon vaak de neiging om uiteen te vallen, waardoor ze veel breder wordt. Daarom zijn de laatste jaren een aantal klonen geselecteerd, zoals ‘Zeeland’ en ‘Fastigiate  Koster’, die hun zuilvorm veel beter behouden.
De oorspronkelijke boom waarvan alle Fastigiata-types afstammen, staat in Harreshausen bij Darmstadt in Duitsland en is meer dan 550 jaar oud. Hij maakte oorspronkelijk deel uit van een groot eikenbos dat nu grotendeels verdwenen is.

Shape

  • Growing habit: Relatief kleine, zuilvormige tot smal kegelvormige boom met laagvertakte hoofdstam en sterk opgaande zijtakken
  • Height: 15-20 m
  • Width: 3-5 m
  • Vigour: traag
  • Root system: Vrij goed bestand tegen verharding en verdichting

Leaf

  • Shape: Omgekeerd eirond, grootste breedte zit boven het midden; 4-12 cm; Onregelmatig gelobd, met 3 - 7 diepe insnijdingen; Het blad is kaal, onderkant bij jong blad licht behaard; de bladvoet is hartvormig en aan beide zijden oorvormig teruggebogen. De bladsteel is kort (minder dan 1 cm). De bladeren staan in dichte clusters op het einde van de twijgen.
  • Color: mat groen
  • Fall color: bruinrood
  • Special features: blad blijft s winters gedeeltelijk aan de boom

Flower

  • Shape: Mannelijke katjes ijl, hangend, 2-4 cm lang; vrouwelijke bloemen op opgerichte steel met 2 tot 5 bij elkaar in de oksels; bloemdek 6-tallig, meeldraden en bloemdekslippen ongeveer even lang
  • Color: Groengeel, vrouwelijke bloemen hebben donkerrode stempels
  • Point of time: April en mei, voor het blad
  • Special features: Eenhuizig. De mannelijke en vrouwelijke bloemen komen in aparte bloeiwijzen op de boom voor.

Fruit

  • Shape: Napjes met 2 - 3 cm lange eikels, fijn behaard; staan met 1 tot 5 bijeen, vaak gepaard, op 5 - 12 cm lange steeltjes. Het napje heeft platte, overlappende schubben.
  • Color: grijsgroen, met donkere lengtestrepen, donkerbruin bij afrijpen.
  • Point of time: Vanaf juni tot aan de winter

Stem

  • Stem / bark: De schors van jonge bomen is glad en zwak grauwgroen glanzend; Bij oudere bomen wordt de schors diep en vrij onregelmatig gegroefd en grijsgroen tot donkerbruin van kleur. Naast lengtegroeven zijn er, in tegenstelling tot bij de wintereik, ook vaak horizontale dwarsgroeven. Zeer oude eiken vertonen vaak zeer diepe groeven. Twijgen eerst roodbruin, later blauwgrijs en glad, met kleine gelige lenticellen. De knoppen zijn kort en stomp, glanzend lichtbruin en meestal kaal, maar erg variabel; ze staan in de bladoksels en in groepen aan de uiteinden van de twijgen.

Cultivation requirements

  • Stand: Zonnige tot licht beschaduwde standplaats
  • Ground: Geeft de voorkeur aan matig tot voedselrijke, diepe (eventueel zandige) leem- en kleibodems, zowel zuur als kalkhoudend.
  • Climate zone: 5a
  • Special features: Goed bestand tegen wind; Vrij goed bestand tegen strooizout; Verdraagt luchtvervuiling en stadsklimaat. Verdraagt zowel droogte als tijdelijke wateroverlast, maar vooral oudere bomen zijn gevoelig voor veranderingen in het grondwaterniveau. Gevoelig voor aantasting door meeldauw.

Share this page