Quercus suber

Decoratief blad Lichte schaduw Kalkhoudende grond Droge standplaats Middelgroot Decoratieve schors Wintergroen Volle zon

Description

De kurkeik, Quercus suber, is een wintergroene eik die van oudsher wordt gekweekt voor de kurkwinning. In zuiderse landen wordt hij ook vaak als sierboom aangeplant. In Noord-West-Europa is hij twijfelachtig winterhard, en kan hij alleen op zeer goed beschutte locaties aangeplant worden.
Het is een relatief kleine boom die maximaal 20 m hoog wordt, maar meestal slechts een 10 à 15m.
De kurkachtige bast dient als bescherming tegen de hitte en de droogte. De kurk wordt om de 8 tot 10 jaar van de stam gepeld

Shape

  • Growing habit: laagvertakte stam met brede, koepelvormige, uitgespreide, zware kroon met verdraaide takken.
  • Height: 6-15 meter
  • Width: 6-15 meter
  • Vigour: traag
  • Root system: Vrij goed bestand tegen verharding en verdichting

Leaf

  • Shape: De bladeren zijn eivormig en spits, scherp getand of met vijf of zes ondiepe stekelpuntige lobben aan weerszijden, ongeveer 5 bij 3 cm. De onderzijde is dicht behaard. De bladeren zitten vast aan een donzig behaarde bladsteel van circa 1 cm lang. Lederachtig.
  • Color: zwartachtig groen aan de bovenzijde
  • Fall color:
  • Special features: wintergroen

Flower

  • Shape: Mannelijke katjes hangend, 4-6 cm lang; vrouwelijke bloemen staan met 2 tot 4 in de bladoksels;
  • Color: mannelijke bloemen geelgroen, vrouwelijke geelrood
  • Point of time: April en mei, voor het blad, maar gaat door tot in de zomer.
  • Special features: Eenhuizig. De mannelijke en vrouwelijke bloemen komen in aparte bloeiwijzen op de boom voor.

Fruit

  • Shape: Napjes met eivormige eikels, 1,5-3 cm lang, alleenstaand of in paren, voor eenderde door nap omgeven. Het napje heeft gespreide schubben.
  • Color: grijsgroen, donker roodbruin bij afrijpen
  • Point of time: Er hangen heel het jaar door eikels in alle ontwikkelingsstadia in de boom

Stem

  • Stem / bark: De schors is bleek grijsbruin, sponsachtig en erg ruw met dikke richels. Zijn de stammen ontkurkt, dan is de kleur rozerood. Twijgen licht bruin, grijzig behaard. Roodbruine knoppen, driehoekig en puntig.

Cultivation requirements

  • Stand: Zonnige tot licht beschaduwde, goed beschutte standplaats
  • Ground: Geeft de voorkeur aan matig voedselrijke, bij voorkeur droge en zeer goed gedraineerde bodem, eerder kalkrijk.
  • Climate zone: 8a
  • Special features: Goed bestand tegen wind, ook zeewind. Vrij goed bestand tegen strooizout; Verdraagt luchtvervuiling en stadsklimaat.

Share this page