Sorbus intermedia

Decoratief blad Opvallende herfstverkleuring Lichte schaduw Bladverliezend Middelgroot Eetbaar Opvallende vrucht Opvallende geur Volle zon Opvallende bloei

Description

De Zweedse Meelbes (Sorbus intermedia) is ontstaan uit een spontane kruising tussen de gewone lijsterbes (S. aucuparia) en de meelbes (S. aria). De boom komt van nature voor in Zuid-Zweden en Finland. De Zweedse meelbes wordt in de Scandinavische landen en Noord-Europa veel gebruikt als straatboom en sierboom in tuinen en parken. Ook in Nederland en België wordt ze al eeuwenlang aangeplant, en komt ze soms in bosranden en houtkanten verwilderd voor.
Het is een elegante boom die tot 10-12 m hoog kan worden, maar meestal blijft hij kleiner. Hij heeft in tegenstelling tot de gewone lijsterbes geen geveerd, maar een gelobd blad. De bloemen zijn wat groter dan bij de gewone lijsterbes. De oranjerode bessen zijn eetbaar en smaken zoet maar melig. Ze kunnen gebruikt worden in allerlei zoete bereidingen en om alcohol op smaak te brengen. De zaden bevatten blauwzuur en zijn licht giftig. Dat gif verdwijnt als ze gekookt worden.
Het hout is blank en kernloos. Het laat zich gemakkelijk kloven en is daarom geschikt voor de vervaardiging van trommelstokken, kegels en houten ballen.

Shape

  • Growing habit: Een kleine tot middelgrote boom, van nature vaak meerstammig of kortstammig, en dicht vertakt. Aanvankelijk een vrij smalle pyramidale groeiwijze, later breed eirond
  • Height: 8-12 m
  • Width: 4-8 m
  • Vigour: langzaam
  • Root system: Gevoelig voor verdichting maar verdraagt wel bestrating rond de voet

Leaf

  • Shape: langwerpig-eirond, 6-10 cm lang, met 5 tot 9 stompe lobben, bladrand dubbel gezaagd. De onderzijde is grijs viltachtig behaard.
  • Color: donkerroen, onderkant grijsgroen
  • Fall color: geeloranje
  • Special features:

Flower

  • Shape: kleine tweeslachtige bloemen, 1 cm doorsnede. Staan in vertakte pluimen, ong. 10 cm breed, op het einde van de takken
  • Color: crèmewit
  • Point of time: mei-juni, na het blad
  • Special features: sterk, eerder onaangenaam geurend

Fruit

  • Shape: Langwerpige steenvrucht, 1-2 cm, bevatten twee pitten; staan in trossen
  • Color: oranjerood.
  • Point of time: rijpen in september-oktober

Stem

  • Stem / bark: Schors glad en glanzend, grijszwart, op later leeftijd meer geschubd en gegroefd; Jonge takken grijsbruin tot olijfgroen, in het begin licht behaard, maar vrij snel kaal; spitse winterknoppen kleverig.

Cultivation requirements

  • Stand: Zon / lichte schaduw
  • Ground: Stelt weinig eisen aan de grond: Groeit zowel op vrij droge als vrij vochtige grond, gedijt op voedselarme zure grond, maar toch het liefst op vochthoudende, humusrijke grond.
  • Climate zone: 5a
  • Special features: Goed bestand tegen luchtvervuiling en stedelijke omgeving; goed bestand tegen droogte; zeer goed windbestendig en zeer vorstbestendig; Resistent tegen perevuur.

Share this page