Buxus sempervirens Suffruticosa

Decoratief blad Lichte schaduw Klein Giftig Opvallende geur Wintergroen Volle zon

Description

Zeer traaggroeiende en compacte dwergvorm van Buxus sempervirens, de ‘gewone’ buxus of palm, uitermate geschikt voor zeer lage haagjes en kleine snoeivormen. Hij wordt daarom ook ‘randpalm’ genoemd. De ronde blaadjes zijn veel kleiner en zachter dan de soort. De jonge scheuten zijn vorstgevoelig. Vooral oudere planten kunnen erg te lijden hebben van schimmelziekten.
Het is een van de oudst bekende cultivars die zeker al sinds de 17de eeuw wordt gebruikt. Volgens sommige botanici is het geen cultivar van B. sempervirens, maar van de (vorstgevoeliger) B. balearica.
Award of Garden Merit (AGM) 1993 en 2002
Hiervan bestaat ook een extra-kleine 'Dwarf Form'.

Shape

  • Growing habit: zeer compacte en dicht vertakt struikje dat van nature bolvormig groeit
  • Height: ong. 30 cm na 15 jaar, max 1 m
  • Width: ong. 30 cm na 15 jaar, max 1 m
  • Vigour: zeer traag
  • Root system: oppervlakkig wortelend; gevoelig voor verstoring en verharding

Leaf

  • Shape: zacht lederachtig; tegenoverstaand, enkelvoudig, zonder steunblaadjes; breed eivormig tot rond ovaal; 1 cm lang; éénnervig; gladrandig
  • Color: lichtgroen, iets donkerder met verouderen; in de winter kunnen de randjes bruin verkleuren
  • Fall color: wintergroen
  • Special features: Blad is giftig; verspreid vooral bij vochtig weer een kruidige geur die door sommige mensen niet wordt geappreciëerd

Flower

  • Shape: kleine bloempjes met vier niet vergroeide bloemdekbladen; staan in trosjes in de bladoksels, met de vrouwelijke bloem in het centrum
  • Color: roodachtig in de knop, later geelgroen
  • Point of time: april-mei
  • Special features: Onopvallend; geurend; verspreid veel stuifmeel; goede bijenplant

Fruit

  • Shape: doosvruchtje, ong. 7-8 mm; valt bij het rijpen in drie delen uiteen, met glimmend zwarte zaden
  • Color: bruin
  • Point of time: rijp in augustus-september

Stem

  • Stem / bark: Grijsbruin; takken zijn vierkantig.

Cultivation requirements

  • Stand: zon/lichte schaduw
  • Ground: Geeft de voorkeur aan humusrijke zand- of leemgrond, maar groeit ook goed in andere grondsoorten mits goed doorlatend; op zware grond is de groei trager; bij voorkeur kalkrijk, maar doet het ook op neutrale tot lichtzure grond
  • Climate zone: 6b
  • Special features: Verdraagt zeer goed droogte en luchtvervuiling. Geschikt voor stadsklimaat. Gevoelig voor strooizout.Jonge scheuten kunnen in het voorjaar bevriezen.

Share this page