Fagus sylvatica Riversii

Decoratief blad Opvallende herfstverkleuring Lichte schaduw Bladverliezend Groot Eetbaar Decoratieve schors Volle zon

Description

Zeer mooie vorm van de ‘bruine’ of ‘rode’ beuk, met zeer groot en zeer donker, bijna zwartbruin blad dat tot laat in de herfst op kleur blijft. De donkerste van alle beuken. Behoort tot de zg. Purperea-groep waarin de meeste roodbladige beuken zijn ondergebracht. Het is, net als de gewone rode beuk, een monumentale boom. Vormt een schitterende laan- en parkboom.
Net zoals bij de gewone beuk is de gladde stam is zeer gevoelig voor zonnebrand. Jonge bomen moeten beschermd worden tegen de zon en mogen niet te vroeg opgesnoeid worden. 
Beuken wortelen oppervlakkig en zijn erg gevoelig voor langdurige droogte, verstoring van de wortels en bodemverdichting- of verharding.
Geïntroduceerd door de Britse kweker Thomas Rivers in 1870. Award of Garden Merit (AGM) 1993, 2002

Shape

  • Growing habit: breed uitgroeiende boom met een brede ronde kroon
  • Height: 20-30 m
  • Width: 10-15 m
  • Vigour: traag
  • Root system: wortelt oppervlakkig en is zeer gevoelig voor verdichting, verharding en verstoring. Verdraagt zeer slecht schommelingen in de grondwaterstand.

Leaf

  • Shape: enkelvoudig, verspreid staand; ovaal-eivormig, met spitse top, de grootste breedte zit in of onder het midden, tot 12 cm lang, groter dan bij de gewone beuk; gaafrandig, bladrand gegolfd; opvallende middennerf en 5-9 paar zijnerven; aanvankelijk licht behaard
  • Color: sterk glanzend, zeer donker, bijna zwartbruin
  • Fall color: blijft zeer lang donkerrood, pas laat roestig bruin
  • Special features: Jonge beuken behouden in de winter gedeeltelijk hun blad, het valt pas af in het voorjaar.Het afgevallen blad verteert zeer slecht.

Flower

  • Shape: hangende bollen met mannelijke bloemkatjes aan lange stelen; vrouwelijke bloemen staan met twee of drie in kleine opstaande tuilen
  • Color: mannelijke bloemen zijn geel, vrouwelijke geelgroen
  • Point of time: april-mei
  • Special features:

Fruit

  • Shape: stekelige, vierlobbig bolstertje of napje, ong. 2-3 cm, bevat een of twee driehoekige, eetbare zaden (beukenootjes)
  • Color: eerst groen, later bruin
  • Point of time: Vanaf juli, rijp in het najaar

Stem

  • Stem / bark: Gladde, grijsgroene, dunne bast. De stam is erg gevoelig voor zonnebrand. Daarom beschermt de beuk de stam met afhangende takken.

Cultivation requirements

  • Stand: Zon halfschaduw
  • Ground: Goed gedraineerde, matig vochtige, vruchtbare en goed doorwortelbare grond, bij voorkeur leemachtig en kalkrijk.
  • Climate zone: 5b
  • Special features: Matig windbestendig; stam is gevoelig voor zonnebrand;

Share this page