Halesia carolina

Decoratief blad Opvallende herfstverkleuring Lichte schaduw Bladverliezend Klein Opvallende vrucht Decoratieve schors Volle zon Opvallende bloei

Description

Halesia carolina (of H. tetraptera) is een schilderachtige struik of kleine, vaak meerstammige of laagvertakte boom. Bloeit spectaculair in april-mei, met hangende, witte klokjes, als sneeuwklokjes aan de nog kale takken. Eén van de meest decoratieve voorjaarsbloeiers, door zijn beperkte vorm ook geschikt voor kleinere tuinen. In het wild kan hij meer dan 20 m hoog en breed kan worden. Bij ons zelden hoger dan 6-7 m.
Inheems in het Zuid-Oosten van de Verenigde Staten. Is sinds 1756 in cultuur in Europa.

Shape

  • Growing habit: Grote struik of kleine boom, meestal meerstammig of laag vertakt, soms op stam gekweekt; groeit aanvankelijk opgaand, later breed schermvormig met afstaande en afhangende takken, waardoor een nogal onregelmatige, breed halfronde kroon ontstaat
  • Height: 6-7 m
  • Width: 6-7 m
  • Vigour: matig tot sterk
  • Root system: gevoelig voor verdichting en verharding

Leaf

  • Shape: enkelvoudig, tegenoverstaand; ovaal tot elliptisch met spitse top, 5-10 cm lang; bladrand fijn gezaagd; licht golvend; onderzijde licht behaard
  • Color: fris groen
  • Fall color: fel geel tot geelbruin
  • Special features:

Flower

  • Shape: klokvormig, met vier, aan de basis vergroeide kroonbladen, als een sneeuwklokje, 1,5 tot 2 cm groot. Staan met 2 tot 5 in hangende, okselstandige bundels aan de kale takken
  • Color: wit
  • Point of time: april-mei, ongeveer gelijktijdig met het uitlopen van het blad
  • Special features: Bloei is zeer opvallend, maar kortdurend (1 week)

Fruit

  • Shape: opvallende, lang ovale tot peervormige, zeer harde steenvrucht met vier langwerpige vleugels, 2-4 cm lang.
  • Color: eerst donkergroen, later geel, na rijping bruingrijs
  • Point of time: vanaf juli tot in de winter

Stem

  • Stem / bark: Jonge takken glad, bruingrijs van kleur met opvallende donkere strepen. De schors van de stam en oudere takken is bleek- en donkerbruin tot oranjegrijs gevlekt, met diepe groeven en afschilferende schubben.

Cultivation requirements

  • Stand: Zonnige of licht beschaduwde, beschutte standplaats
  • Ground: Goed doorlaatbare, vruchtbare en humusrijke, eerder vochtige bodem, bij voorkeur zuur, maar ook in neutrale bodem groeit hij goed.
  • Climate zone: 6b
  • Special features: Gevoelig voor droogte; Niet goed bestand tegen stadslucht en industriële vervuiling

Share this page