Hedera helix

Decoratief blad Lichte schaduw Giftig Opvallende vrucht Opvallende geur Wintergroen Volle zon Schaduw Opvallende bloei

Description

Hedera helix is de bekende klimop die inheems is in het grootste gedeelte van West- en Centraal-Europa. Het is de enige inheemse zelfhechtende klimplant.
In de langdurige jeugdfase heeft het blad de typische gelobde vorm. Maar geleidelijk aan wordt het blad minder en minder gelobd en meer en meer hartvormig om na 10 à 20 jaar het volwassen stadium te bereiken. In dat stadium groeien de takken alleen nog struikachtig, zonder hechtwortels. En het is pas in deze fase dat klimop bloemen en vruchten produceert. De geelgroene bloemtrossen verschijnen in september-oktober en zijn zeer geliefd bij bijen en vlinders. 
Er bestaan heel veel vormen en kweekrassen van de gewone klimop, met afwijkende bladvormen en –kleuren. Die zijn evenwel niet allemaal even winterhard als de soort zelf.

Shape

  • Growing habit: zelfhechtende klimplant of bodembedekkende plant die wortel schiet en zich sterk uitbreidt.
  • Height: tot 0,5 m als bodembedekker, 10-30 m als klimplant
  • Width: 2-15 m
  • Vigour: zeer krachtig
  • Root system: gevoelig voor verharding en verdichting

Leaf

  • Shape: enkelvoudig, verspreid staand; in jeugdstadium drie tot vijflobbig, in volwassen stadium meestal ongelobd, eivormig met spitse top en hartvormige of afgeronde voet; handnervig; gaafrandig; leerachtig;
  • Color: donkergroen met helder groene nerven; in winter bronsachtig groen
  • Fall color:
  • Special features: Blad is in vorm en grootte zeer variabel, onder meer afhankelijk van groeistadium.

Flower

  • Shape: kleine stervormige bloemen met 5 kelk- en 5 of 10 kroonbladen, kroon langer dan kelk; staan met 10 tot 20, soms meer, in opstaande, tot 10 cm brede schermen.
  • Color: geelgroen
  • Point of time: september-december
  • Special features: Bloeit alleen in volwassen stadium. Sterk geurend; zeer goede bijenplant.

Fruit

  • Shape: kogelvormige steenvruchtjes, als een erwt, ong. 1 cm groot
  • Color: eerst groen, later blauwzwart
  • Point of time: winter, rijpen pas in het voorjaar

Stem

  • Stem / bark: Groen- tot bruinachtig. De ranken zijn bedekt met witte sterharen die langs alle kanten uitstralen en die alleen onderaan zijn vergroeid. Aan de schaduwzijde met hechtwortels. In volwassen stadium ontbreken hechtwortels.

Cultivation requirements

  • Stand: zonnig halfschaduw schaduw
  • Ground: Stelt weinig eisen aan de bodem. Groeit zowel op matig droge als natte bodem en op licht zure tot kalkrijke grond. Bodem moet wel humusrijk zijn
  • Climate zone: 6a
  • Special features: zeer goed bestand tegen stadsklimaat en industriële vervuiling; gevoelig voor strooizout. Vooral bodembedekkende soorten kunnen aangetast worden door bacteriële olie- of vetvlekkenziekte (Xanthomonas hederae). De ziekte wordt in de hand gewerkt door ongunstige groeiomstandigheden (een zure, verdichte en natte bodem).

Share this page